Canon van de Tijdschriften voor minister Plasterk

Cultuurminister Ronald Plasterk heeft het eerste exemplaar van de Canon van de Tijdschriften in ontvangst genomen. In dit boek worden in vijftig vensters de historische ontwikkelingen van publiekstijdschriften in kaart gebracht. De Canon is voor en van bladenmakers een wegwijzer in tijdschriftenland, van toen en nu.

De Canon van de Tijdschriften bestaat uit vijftig ‘vensters’. Het doel is niet alleen om het historisch besef bij de huidige multimediageneratie te stimuleren, maar ook om handige referentiepunten te bieden voor mensen in het vak. Naast de ontwikkelingen van het mediumtype worden verschillende type tijdschriften belicht én hun betekenis door de jaren heen. Ook de manier waarop tijdschriften worden gemaakt is in historisch perspectief geplaatst.  Zo telt de Canon een venster over de Haagsche Mercurius, het eerste tijdschrift van 1698, maar ook over het baanbrekende tijdschrift LINDA. Voorbeelden van andere vensters zijn de Bibeb-interviews, rubrieken als Anybody (uit Viva), maar ook echte scoops, zoals de Menten-affaire. Naast het boek, een uitgave van Nieuw Amsterdam, is er ook een website: www.tijdschriftencanon.nl. Een recensie-exemplaar is op te vragen via e-mail gpt@nuv.nl.De Canon van de Tijdschriften is een initiatief van de Groep Publiekstijdschriften van het Nederlands Uitgeversverbond (NUV) met financiële steun van het Lucas-Ooms Fonds en de Commissie Onderwijsfonds Publiekstijdschriften (COP), waarin de NVJ en de Groep Publiekstijdschriften